Appelhout roken in Mexico
De geschiedenis van dit zout begint niet in een moderne rokerij, maar met een bijna archaïsche methode die diep geworteld is in de traditionele Mexicaanse keuken: de grondkuil.
Voor dit zout wordt een "Pit Hole" (een kuil in de grond) voorbereid. Daarin wordt gedroogd, aromatisch appelhout (appelhout) niet aangestoken tot een vlam, maar tot een langzaam smeulend vuur. De rook die uit deze grondkuil opstijgt is koel (vaak slechts 25-35°C), maar door het smeulen extreem dicht, zwaar en geconcentreerd. Zuiver, grof zeezout wordt nu op fijne zeven gelegd en boven deze rokende kuil geplaatst, en dat gedurende zeven tot twaalf dagen.
Dag en nacht nemen de zoutkristallen deze koude rook op. Het zout wordt niet alleen oppervlakkig "geparfumeerd" - de rook dringt diep door in de poriën en voltrekt een complete transformatie. De kristallen absorberen de rook zo intens dat ze fysiek veranderen en die spectaculaire, diepzwarte kleur aannemen.
Het resultaat is een van de meest intense rookzouten ter wereld. De diepzwarte kleur is geen toevoeging (zoals actieve kool), maar de pure, zichtbare patina van dagenlang roken.















